Ik ben nog steeds in Nederland. Maar ik woon wel in een ander huis, bij opa en en oma. Hiervoor woonde ik bij een andere oma en daarvoor weer bij een andere. Ik blijf steeds bezig met koffers pakken.
Mijn nieuwe broer Luka is meeverhuisd. En mama ook. Papa is weer naar Amman. Hij moest eerst kijken of alles nog goed is in ons huis. Na een tijdje komt hij weer terug naar ons. Daarna gaan we met z'n allen naar Amman. In het vliegtuig met de kinderfilmpjes. Daar heb ik veel zin in. Want ik mis Amman wel. Vooral juf Lima en mijn vriend Ali.
Met Luka gaat het goed. Iedereen zegt dat hij zo hard groeit. Maar dat klopt niet. Hij is nog steeds heel klein. Hij kan nog niet praten en alleen maar huilen. Ik hoop dat hij snel gaat praten. Dat is veel fijner dan huilen. Het maakt ook minder herrie. Luka kan ook nog niet in bad. Mama doet hem in een groene emmer. Als hij daarin zit lijkt hij een beetje op een kikker.
Sommige mensen zeggen dat Luka op mij lijkt. Grote mensen zijn best dom. Hij lijkt helemaal niet op mij. Luka is nog piepklein en heeft bijna geen haar. Hij ziet eruit als een echte baby, maar ik ben juist al groot.
De stroom van cadeaus is nu opgehouden. Dat is vreselijk jammer. Het was leuk om ze elke dag uit te pakken. Het is erg zwaar voor mij om niet elke dag een cadeau te krijgen. Er komt ook niet zo veel visite meer. Daarom ga ik maar naar buiten en spelen bij een speeltuintje. Grote kinderen als ik kunnen dat al. Luka nog niet. Die slaapt of eet alleen maar. Over een hele lange tijd zal hij groot zijn. Dan kan hij samen met mij in het speeltuintje spelen. Dan zal ik hem leren hoe het moet.
Wednesday, February 1, 2017
Monday, January 23, 2017
Ik ben grote broer
Onze baby is geboren. Hij heet Luka en het is een jongetje. Dat heb ik gelijk even gecontroleerd. Het klopt echt.
Ik mocht bij oma logeren. De volgende dag ging ik met opa en oma naar het ziekenhuis. Mama lag in een bed. Naast haar stond een aquarium en daar lag Luka in. Mama's buik was ineens heel dun. Ze vertelde aan oma dat het best zwaar was geweest. Dat vond ik een beetje overdreven want Luka is piepklein.
Daarna gingen we naar huis. De baby mocht ook mee. Hij ligt nu in een wiegje. Hij slaapt bijna heel de dag. En als hij niet slaapt is hij bij mama aan het drinken. En ondertussen plast hij steeds in zijn broek. Hij krijgt wel honderd keer per dag een schone luier.
Luka heeft veel verdriet. Dan moet hij huilen. Als hij huilt staat zijn mond helemaal open en er komt een hard geluid uit. Misschien is het wel niet echt, want hij heeft geen tranen. Maar hij schreeuwt wel vreselijk hard. Als ik schreeuw is dat zogezegd altijd te veel herrie voor de buren. Maar Luka mag het wel.
Er kwam ook een mevrouw bij ons wonen. Ze had een wit pak aan met een blauwe streep. Zij zorgde voor mama en Luka. En ook voor papa, want ze ging elke dag stofzuigen en strijken. Papa vond het heel jammer dat ze weer wegging.
En dan de visite. Er zijn denk ik wel duizend mensen geweest. Ze hadden allemaal honger want ze aten beschuit en dronken thee. Ze namen cadeaus mee voor de baby. Die ging ik dan uitpakken voor hem, want hij kan dat nog niet. Er waren ook cadeaus bij voor mij. Ik heb nu veel nieuwe boeken. En een fles met hartjes die je kunt opeten.
Nu is de visite weg en de witte mevrouw ook. De beschuiten zijn op. Luka is al een beetje gegroeid. Soms lees ik een boekje voor voor hem. Dan voel ik me echt een grote broer. Luka luistert heel goed. Als hij nog verder groeit ga ik hem leren hoe hij een puzzel kan maken.
Friday, January 6, 2017
De koude winter
Ik ben nu al heel lang in Nederland. In die tijd is er verschrikkelijk veel gebeurd. Maar het belangrijkste nog niet: de baby is nog niet geboren. Ik denk dat hij het te koud vindt. Op de sloten ligt ijs en het gras is 's morgens wit.
Papa is ook aangekomen in Nederland. Ik ging hem ophalen op het vliegveld. Ik had mijn pet opgezet. Omdat het koud was, maar ook zodat hij mij goed kon herkennen. Ik moest heel lang wachten, maar toen ineens ging de deur open en was hij er.
Als ik hier in Nederland naar buiten ga, doe ik altijd handschoenen aan en een sjaal om. Dan krijg ik het niet zo koud. Sommige dieren hebben het zo koud, dat ze mensenkleren aan doen. Soms zie ik een hondje op straat met een blauwe trui aan. Maar hij draagt geen broek. Dat is toch best nog koud lijkt me.
's Morgens is het water in de sloten bevroren. De eenden kunnen dan niet zwemmen. Ze lopen met hun blote voeten over het ijs. Papa zei dat mensen over een paar dagen misschien ook over het ijs kunnen lopen. Als dat zo is, houd ik mooi wel mijn schoenen aan.
In huis is het gelukkig wel warm. Op mijn bed ligt een dikke deken. Als ik daaronder lig, heb ik het nooit koud. Het bed voor de baby staat al heel lang klaar. Daar ligt ook een dikke deken in. Dus ik vind dat de baby best snel geboren mag worden. Dan kan ik eindelijk het cadeautje geven dat ik samen met papa heb gekocht. Ik kan niet zeggen wat er in zit, want het is een verrassing. Ik kan alleen maar zeggen dat het een knuffel is en dat hij Nijntje heet. Toen ik dat tegen mama zei, zei ze: maar nu is het geen verrasssing meer! Dat klopt natuurlijk niet, want het cadeau is nog steeds ingepakt.
Papa is ook aangekomen in Nederland. Ik ging hem ophalen op het vliegveld. Ik had mijn pet opgezet. Omdat het koud was, maar ook zodat hij mij goed kon herkennen. Ik moest heel lang wachten, maar toen ineens ging de deur open en was hij er.
Als ik hier in Nederland naar buiten ga, doe ik altijd handschoenen aan en een sjaal om. Dan krijg ik het niet zo koud. Sommige dieren hebben het zo koud, dat ze mensenkleren aan doen. Soms zie ik een hondje op straat met een blauwe trui aan. Maar hij draagt geen broek. Dat is toch best nog koud lijkt me.
's Morgens is het water in de sloten bevroren. De eenden kunnen dan niet zwemmen. Ze lopen met hun blote voeten over het ijs. Papa zei dat mensen over een paar dagen misschien ook over het ijs kunnen lopen. Als dat zo is, houd ik mooi wel mijn schoenen aan.
In huis is het gelukkig wel warm. Op mijn bed ligt een dikke deken. Als ik daaronder lig, heb ik het nooit koud. Het bed voor de baby staat al heel lang klaar. Daar ligt ook een dikke deken in. Dus ik vind dat de baby best snel geboren mag worden. Dan kan ik eindelijk het cadeautje geven dat ik samen met papa heb gekocht. Ik kan niet zeggen wat er in zit, want het is een verrassing. Ik kan alleen maar zeggen dat het een knuffel is en dat hij Nijntje heet. Toen ik dat tegen mama zei, zei ze: maar nu is het geen verrasssing meer! Dat klopt natuurlijk niet, want het cadeau is nog steeds ingepakt.
Friday, November 18, 2016
Drie keer jarig
Vandaag ben ik jarig. Gisteren was ik het ook al. En morgen weer. Gisteren op school, vandaag thuis en morgen bij opa en oma. Dit is de leukste week uit mijn leven.
Voor school ging ik cupcakes bakken met mama. In de oven werden ze heel groot. Sommige liepen helemaal over. Toen ze weer koud waren, deed mama er oranje water op. En toen ging ik er snoepjes op strooien. Sommige snoepjes hebben de cupcake nooit gehaald. Die zijn nu in mijn buik.
Mama kwam op school om het feest te vieren. Het was net als bij alle andere kinderen. Op de tafel lag een groot happy birthday kleed. De kinderen gingen voor mij zingen. Hashim zat naast mij. Want hij is mijn vriend. En toen blies ik het kaarsje uit. Iedereen ging hard klappen. Daarna kreeg iedereen een cadeautje van mij. Want als je jarig bent, geef je cadeautjes aan je vriendjes. Dat hoort. Ik had voor iedereen een tas van Winnie de Poeh. Er zat een ballon in en een toeter en een doosje met stempels.
Vandaag gaan we mijn verjaardag thuis vieren. We gaan appeltaart en patat eten. En echte kroketten. Zelfgemaakt door mijn mama. Die is zo knap. Vanmorgen heb ik een ark van Noach gekregen van papa en mama. Die moest eerst nog in elkaar gezet worden, maar nu is hij klaar. Ik kreeg ook een echte aap. Toen ik hem uitpakte vond ik het eerst eng. Dat kwam omdat ik het papier losscheurde bij zijn billen. Ik schrok me wild. Maar hij is toch wel lief.
Morgen vier ik mijn verjaardag bij opa en oma. Want ik ga samen met mama naar Nederland. Haar buik met de baby is nu zo groot dat ze echt moet gaan. Anders past ze niet meer in het vliegtuig. In Nederland krijg ik misschien ook nog cadeautje.
Echt, dit is de leukste week uit mijn leven. Maar een ding is niet leuk: papa gaat niet mee naar Nederland. Hij blijft in Jordanie want hij moet werken. Dat is een beetje verdrietig. Dan kan hij geen verhaaltjes vertellen en we kunnen ook niet gaan zwemmen. Als de baby bijna wordt geboren, komt papa ook naar Nederland. Tot die tijd ga ik hem gewoon heel vaak bellen.
Saturday, October 15, 2016
Zwemmen op zaterdag
Zaterdag is de leukste dag van alle dagen. Want dan gaan we ontbijten aan de kleine tafel. Ik eet dan een cracker met pindakaas. Op mijn brood eet ik ook pindakaas. Maar op een cracker is het lekkerder. Want als de cracker op is ga ik altijd met papa zwemmen.
Het zwembad is heel dichtbij ons huis. Eerst moeten we een weg met veel auto's oversteken. Dan draagt papa mij. Daarna moeten we nog over een paar trapjes lopen. En dan zijn we bij het zwembad.
Als we binnenkomen, roept iedereen gelijk: Hello Haroen! En papa noemen ze Abu Haroen. Terwijl ik aan het omkleden ben, komen die mannen steeds met mij praten. Ze willen ook over mijn haren wrijven. Of in mijn wangen knijpen. Ik word daar een beetje gek van. Ik probeer dan achter papa weg te kruipen. Maar dan vinden ze me toch steeds weer.
Na het omkleden gaan we met een lift naar beneden. Als de lift weer opengaat, ben je in het zwembad. Het is daar altijd heel warm. En het ruikt er een beetje raar. Het is bleekwater zegt papa. Maar iedereen die er zwemt is niet echt bleek. Alleen ik en papa.
Ik kan al goed zwemmen. Dat is erg leuk. Het vervelende is dat die mannen ook in het zwembad steeds met mij willen praten. Ze weten allemaal dat ik Haroen heet. Soms is het best lastig om beroemd te zijn.
Maar verder is het heel leuk in het zwembad. Ik kan zelf van de kant springen. Soms doet papa the rocket met mij. Dan gooit hij mij heel hoog in de lucht. Als ik terug in het water kom, ga ik kopje onder. Maar dan kom ik toch weer boven. Want ik heb bandjes van Mickey Mouse om.
Na het zwemmen ga ik ook altijd even kijken bij de sportschool van papa. Dan moet je eerst met de lift en daarna nog met een trap. De baas van de sportschool is een meneer uit Egypte. Voor hem kruip ik niet weg en ik geef ook antwoord op zijn vragen. Dat komt omdat deze meneer heel veel koekjes heeft. En iedere week krijg ik er een paar van hem. Dus naar hem doe ik altijd extra aardig.
Als ik weer bij mama thuis kom, gaan we koffie drinken. Met de koekjes van die Egyptische meneer. Egyptische koekjes zijn het lekkerst van de hele wereld.
Friday, September 30, 2016
Het grote bed
Omdat er een baby komt, heb ik het heel druk. Er moet van alles gebeuren. Het grootste is dat ik moest verhuizen naar een andere kamer. En naar een ander bed. Ik slaap nu in een grotemensenbed.
Samen met mama heb ik een dekbed gekocht voor het nieuwe be. En ook gordijnen. Twee voor de babykamer en twee voor mijn eigen kamer. Op mijn gordijnen staan vliegtuigen. Er zit een grappig mannetje in. Dat is de piloot.
We gingen ook een box kopen voor de baby. Het is eigenlijk geen echte box, want die bestaan niet in Amman. Daarom hebben we maar een bedje gekocht. Dat lijkt toch een beetje op een box. Als de baby er straks is, mag hij daar in spelen.
We gingen ook stickers plakken op de babykamer. Het zijn stickers van Jip en Janneke. En ook een van Takkie. Ze zijn heel grappig.
Ik slaap nu in de kamer van Clare. Als zij bij ons kwam logeren sliep ze altijd in die kamer. Maar dat kan nu niet meer. Want ik lig in haar bed. Mijn kleren liggen in de kast van Clare. Er staat ook een echt bureau. Met een grote stoel. Daar maak ik altijd mijn tekeningen.
Mijn knuffels zijn meeverhuisd naar het grote bed. Alleen mijn blauwe aap niet. Die heb ik bewaard voor de baby. Als die geboren is, gaat de blauwe aap in het babybedje slapen. Want het is echt een aap voor baby's. En dat ben ik al lang niet meer.
Toen ik gisteren lag te slapen gebeurde er iets raars. Ik voelde ineens een bons en toen ik wakker werd lag ik op de grond. Het bed was hoog boven mij. Van schrik holde ik naar de kamer van papa en mama. Maar ik kon niets zien want het was heel donker. Onderweg kwam papa eraan. Hij deed het licht aan. En toen moest ik even huilen. Eigenlijk huilen alleen baby's. Maar nu kon het echt niet anders.
Papa heeft me weer in het grote bed gelegd. Hij heeft de deken extra goed ingestopt. Ik was wel een beetje bang dat ik er weer uit zou vallen. Maar toen ik 's morgens wakker werd lag ik gewoon nog in mijn bed. En mijn knuffels ook. De volgende keer ga ik gewoon dichtbij de muur liggen. Dan val ik nooit meer uit mijn bed.
Friday, September 16, 2016
We weten het nog niet
Papa was weg. Hij ging naar Zwitserland. Het duurde maar een week. Toch miste ik hem wel. Soms zei ik dat tegen mama. Maar ik heb het niet tegen andere mensen verteld.
Als papa belde ging ik soms met hem praten. Maar andere keren wilde ik het niet. Want dan miste ik hem nog meer. Ik heb heel de tijd gehoopt dat hij er snel weer zou zijn.
Mama bracht mij iedere morgen naar school. En ze kwam me ook weer ophalen. Ahmed de chauffeur was er ook niet. En mama moest ook nog haar andere werk doen. Dat was best druk voor haar denk ik.
Het was wel gezellig samen met mama thuis. We deden veel leuke dingen. Een keer gingen we eten bij McDonald's. Dat was omdat papa er niet was, want hij denkt dat het eten daar niet lekker is. Mijn eten zat in een doos en het was juist heel lekker. De doos staat nu bij mijn winkeltje, alleen het eten zit in mijn buik..
Eigenlijk waren mama en ik niet echt met z'n tweeën. Want in mama's buik zit een baby. Die is nu nog heel klein. Maar hij groeit wel hard. Mama's buik wordt iedere dag een beetje groter. Soms geef ik een kus op de buik. Ik denk dat de baby dat wel voelt door de buik heen.
Over een hele lange tijd komt de baby naar buiten. Dan is hij een beetje groot. Maar nog niet zo groot als ik. Mama zegt dat ik nog niet gelijk met de baby kan spelen. Maar later wel.
Iedereen wil nu weten of het een jongen of een meisje wordt. Dat is een erg domme vraag. Want we hebben de baby nog niet in het echt gezien. Alleen maar op de televisie bij de dokter. Dus we weten het nog niet. Soms vragen mensen ook hoe de baby heet. Ook al zo'n domme vraag. Dat weten we pas als hij naar buiten is gekomen.
Toen papa terugkwam uit Zwitserland kreeg ik een cadeautje. Het was een koe en er zat geen melk in maar chocola. Ik was er heel blij mee en alle chocola is al op. Later moet papa twee cadeautjes meenemen als hij op reis gaat. Want de baby lust vast ook chocola.
Als papa belde ging ik soms met hem praten. Maar andere keren wilde ik het niet. Want dan miste ik hem nog meer. Ik heb heel de tijd gehoopt dat hij er snel weer zou zijn.
Mama bracht mij iedere morgen naar school. En ze kwam me ook weer ophalen. Ahmed de chauffeur was er ook niet. En mama moest ook nog haar andere werk doen. Dat was best druk voor haar denk ik.
Het was wel gezellig samen met mama thuis. We deden veel leuke dingen. Een keer gingen we eten bij McDonald's. Dat was omdat papa er niet was, want hij denkt dat het eten daar niet lekker is. Mijn eten zat in een doos en het was juist heel lekker. De doos staat nu bij mijn winkeltje, alleen het eten zit in mijn buik..
Eigenlijk waren mama en ik niet echt met z'n tweeën. Want in mama's buik zit een baby. Die is nu nog heel klein. Maar hij groeit wel hard. Mama's buik wordt iedere dag een beetje groter. Soms geef ik een kus op de buik. Ik denk dat de baby dat wel voelt door de buik heen.
Over een hele lange tijd komt de baby naar buiten. Dan is hij een beetje groot. Maar nog niet zo groot als ik. Mama zegt dat ik nog niet gelijk met de baby kan spelen. Maar later wel.
Iedereen wil nu weten of het een jongen of een meisje wordt. Dat is een erg domme vraag. Want we hebben de baby nog niet in het echt gezien. Alleen maar op de televisie bij de dokter. Dus we weten het nog niet. Soms vragen mensen ook hoe de baby heet. Ook al zo'n domme vraag. Dat weten we pas als hij naar buiten is gekomen.
Toen papa terugkwam uit Zwitserland kreeg ik een cadeautje. Het was een koe en er zat geen melk in maar chocola. Ik was er heel blij mee en alle chocola is al op. Later moet papa twee cadeautjes meenemen als hij op reis gaat. Want de baby lust vast ook chocola.
Wednesday, August 24, 2016
Zomer in Nederland
Ik ben op bezoek in Nederland. We gingen met het vliegtuig. Ik heb al heel vaak gevlogen. Dus het was een beetje saai. Onderweg heb ik heel veel filmpjes gekeken. Toen duurde het gelukkig niet zo lang.
Opa en oma stonden op mij te wachten op het vliegveld. Dat was wel leuk. Ik had ze al heel lang niet gezien.
Hier in Nederland heb ik het erg druk. Iedere dag ga ik iets anders doen. Eerst gingen we naar een park met papegaaien. Die mocht ik voeren. Ik ging ook fietsen met papa en mama. Ik zat achterop en er ging heel veel wind door mijn gezicht. Bij een bankje gingen we wat drinken. Ik kreeg taksi in een klein pakje. Dat had ik nog nooit op. Maar Nederlandse kinderen drinken het elke dag. Het was wel lekker. Maar niet zo lekker als de melk in Amman.
Mama heeft nieuwe kleren voor mij gekocht. Ze zegt dat ik zo hard gegroeid ben. Dat zei de dokter ook. Die zei tegen mij dat ik heel lang ben. Dat is een beetje raar, want bijna iedereen is langer dan ik.
Hier in Nederland zijn veel koeien. En eenden. Sommige eenden zijn zwart. Die heten meerkoeten. Dat heeft mijn neef verteld. Hij heet Mattanja en ik heb heel vaak met hem gespeeld. En soms gingen we wandelen door het weiland. Nederlandse koeien zijn heel dik.
Het Nederlandse eten is erg lekker. Ik heb heel veel kaas gegeten. Soms zat er een vlaggetje op. In Nederland zijn ook kleine pannenkoeken. Die waren het allerlekkerst. Ze heten eigenlijk niet pannenkoeken, maar de echte naam ben ik vergeten. Het lijkt een beetje op koffertjes.
Vandaag waren de Nederlandse mensen een beetje aan het klagen. Ze vinden dat het zo warm is. Maar eigenlijk is het helemaal niet zo warm. Een paar dagen geleden regende het. Dat vonden de Nederlandse mensen ook weer niet fijn.
Ik ga bijna weer terug naar Amman. Want dan gaat mijn school weer open. Ik vind het fijn om weer naar school te gaan. Maar ik zal Nederland ook wel een beetje missen. Ik hoop dat ik snel weer eens naar Nederland ga. En hopelijk is het dan niet te warm en regent het ook niet.
Subscribe to:
Posts (Atom)







