Thursday, September 24, 2015

Een verdrietig einde

Vandaag ben ik weer teruggekomen van de vakantie. Het was een leuke vakantie. Maar vandaag was ook een beetje verdrietig. Want onderweg naar huis heb ik allemaal dode schapen gezien.

Deze week zag ik overal al schapen staan. Langs de weg waren hekken neergezet en daartussen liepen heel veel schapen. Sommige waren bruin en andere zwart. Hun neuzen waren ook steeds een beetje anders. Eigenlijk stonken ze allemaal best wel, maar dat vond ik niet zo erg. Als ze me aankijken, moet ik altijd even lachen. Hun ogen staan een beetje dom en ook een beetje lief. Soms staat hun kop een beetje scheef en laten ze hun oren hangen. Dan zou ik er best eentje mee willen nemen naar huis. Maar dat kan natuurlijk niet.

Thuis heb ik een knuffelschaap. Dat heb ik gekregen van de burgemeester van Dordrecht toen ik geboren was. Papa en mama hebben mij geleerd dat een schaap 'beeh' zegt. Alleen de schapen die ik vandaag zag konden geen 'beeh' meer zeggen. Ze hingen met hun poten vastgebonden aan een paal. En grote mannen waren met een scherp mes hun vacht aan het lossnijden. Ze bewogen niet meer want ze waren doodgemaakt.

Het zag er heel zielig uit. En steeds als we verder reden zag ik weer andere schapen hangen. Het ergste was toen een jongen net voor onze auto de weg overstak. In zijn hand had hij een grote plastic zak en daarin zaten alle ingewanden van het schaap. Er zat een gat in de zak en daar blubberde een stuk van zijn buik uit. Ik heb heel snel naar iets anders gekeken, want ik kreeg er een vreselijk zere buik van.

Deze schapen werden geslacht omdat het offerfeest is hier in het land. De kinderen hoeven vandaag niet naar school en alle mensen gaan schaap eten. Nou ja, niet allemaal want ik doe er zeker niet aan mee. Want ik vind het veel te erg voor al die lieve schapen. Ik heb vandaag een boterham met jam op. En vanavond een vegetarische salade met yoghurt als toetje. Ik denk dat ik misschien wel nooit meer vlees ga eten.

Het was fijn om vanmiddag weer thuis te komen. Ik ging eerst even snel mijn kamer bekijken. Alles zag er goed uit. Mijn boekjes stonden er nog en de tent ook. Ik ging nog even met papa kijken of mijn vriend Abu Mona er was, maar we konden hem niet vinden. Papa zei dat hij misschien ook wel schaap aan het eten was. Maar dat geloof ik natuurlijk niet, want Abu Mona ziet er heel vriendelijk uit. Ik denk dat het een heel flauw grapje van papa was.

Ik heb daarna ook nog even met de lego gespeeld. Ik heb een grote dierentuin van Duplo. Er zijn leeuwen, olifanten, giraffen en ook een paar varkens. Als ik jarig ben, vraag ik misschien nog wel wat schapen erbij.

Toen ik aan het eind van de dag naar bed ging, heb ik mijn aap en mijn hond meegenomen. Zodat ik lekker met ze kan knuffelen. Dieren zijn heel lief. En ik vind dat iedereen die een arm schaap opeet een flinke straf moet krijgen.

Tuesday, September 22, 2015

Jeruzalem onder mijn voeten

Ik heb een weekje vakantie. Het is fijn om even rust te hebben van de drukke stad. Papa en mama zijn er ook bij. Een ook twee mevrouwen die op visite zijn. Ze kwamen met het vliegtuig en hebben veel lekkere dingen meegenomen. En ze hadden ook twee cadeautjes voor mij. Van oma kreeg ik een echte vrachtauto. En van opa een horloge. Papa en mama hebben ook een horloge. Het is handig om altijd te weten hoe laat het is.

Met z'n vijven gingen we op reis. De eerste dag moesten we heel lang rijden. Ik werd er een beetje moe van en daarom viel ik in slaap. Toen ik wakker werd, deed mijn buik best wel zeer. Ik was er een beetje verdrietig van, maar liet het niet merken, anders werd iedereen verdrietig. Maar het ging wel steeds meer zeer doen. Steeds als papa door een bocht reed werd het een beetje erger. En toen hield ik het echt niet meer. Mijn hele buik vloog naar mijn hoofd en alles kwam door mijn mond naar buiten. Mijn kleren waren helemaal nat en het droop ook op mijn autostoeltje. Papa is toen gestopt langs de kant van de weg. We waren net in een klein dorpje en er stonden allemaal mannen te kijken. Net alsof ze zelf nog nooit overgegeven hebben.  Ik kreeg van mama nieuwe kleren aan en papa boende met van die natte doekjes de auto schoon. Het rook nog wel een beetje zuur, maar we zijn toch maar verder gereden. Ik voelde me ineens veel beter en heb de rest van de dag bijgepraat met mama en de visite. Papa moest goed op de weg letten, dus ik heb hem maar niet gestoord.

We gingen op bezoek in een stadje dat heet Madaba. Daar is een belangrijke kerk. Papa heeft gezegd dat mensen van heel ver speciaal naar deze kerk komen. Dat komt omdat er een tekening ligt die is gemaakt van kleine steentjes. Op de tekening zie je een landkaart met daarop Jericho, Jeruzalem en de Jordaan. De tekening is al heel oud, nog veel ouder dan opa en oma. En hij ziet er toch nog mooi uit. Daarom wil iedereen die tekening bekijken. Het was heel goed dat papa en mama mij deze tekening wilden laten zien. Want nu weet ik dat je niet alleen met krijtjes maar ook met steentjes kunt tekenen.

Om de tekening stond weer eens zo'n vervelend rood touw. Dat betekent dat je er niet onderdoor mag. Ik ken dat wel van andere kerken. Daardoor kon ik de tekening niet goed zien, want ik ben nog niet zo groot. Maar ik had een slim plan bedacht. Het was vooral even wachten op het goede moment. Terwijl die ene mevrouw van de visite iets op haar telefoon deed en mama en papa met de andere mevrouw aan het praten waren, ben ik heel snel onder het touw door gegaan. En toen heb ik heerlijk over de oude tekening gelopen. Jericho en Jeruzalem lagen onder mijn voeten. En bij de Jordaan ben ik er snel weer afgesprongen. Toen papa en mama het zagen schrokken ze heel erg. Ik deed net of er niets aan de hand was. Maar het was mooi wel gelukt. En zo heel erg was het ook weer niet. Want mijn sandalen zijn best schoon en de tekening is niet kapot gegaan.

Daarna zijn we weer naar een andere plek gereden. Iedere nacht slapen we in een ander huis. Dat heet een hotel. Ik mag bij papa en mama op de kamer slapen. Ik heb een eigen bed dat meereist achter in de auto. Papa en mama moeten steeds op een bed van iemand anders slapen. Op een ingedeukt kussen en een matras waar misschien wel duizend andere mensen op hebben gelegen. Mijn bed is van mezelf. Het is blauw en aan de zijkant zit gaas waar je doorheen kunt kijken. Als ik 's morgens wakker word, kijk ik even of papa en mama nog slapen. Soms ga ik dan nog even verder slapen of met mijn hond spelen. Totdat ik het echt tijd vind om op te staan.

Als we wakker zijn, gaan we altijd naar een andere kamer om te eten. Iedere dag is er ander eten. Pas was er zelfs patat bij het ontbijt. Ik wil graag dat ik dat voortaan thuis ook krijg. Het is veel lekkerder dan melk met koekjes. Maar ik ben bang dat het niet gaat lukken, want papa en mama vinden patat eigenlijk niet goed. Maar papa zei tegen mama dat het deze keer wel goed was. 'Vooruit maar', zei hij, 'het is tenslotte vakantie.' Toch is het apart: volgens papa en mama zijn lekkere dingen ongezond en de dingen die ik vies vind, hebben dan zogezegd ineens heel veel vitamientjes.

Vandaag zijn we aangekomen in een nieuw hotel. Het is heel leuk hier, want er is ook een zwembad. Vanmiddag heb ik erin gezwommen. Het was een beetje koud, maar ik vond het niet zo erg. Toen we uit het water gingen, heb ik met papa gespeeld in de speeltuin. Het was een beetje een oude speeltuin. Het zag er heel anders uit dan op school. Er was ook een glijbaan, maar daar zat roest aan. Ik heb even op de schommel gezeten, maar ik vertelde papa al snel dat het genoeg was. Toen heb ik nog even zitten lezen op het balkon van onze kamer. Van de visite had ik een mooi boekje gekregen dat je kunt uitschuiven. Het gaat over Adam en Eva. Aan het einde van de dag was ik best moe. Straks ga ik slapen in mijn eigen blauwe bed. En als ik wakker word gaan we weer ontbijten. De meneer van het hotel zei dat vanaf half 8 het ontbijt klaar is. Op de horloge van opa kan ik zien wanneer het zo ver is. En heel misschien is er hier ook wel patat. Nu maar hopen dat papa en mama dan niet te moeilijk doen. Want het is tenslotte vakantie.

Sunday, September 13, 2015

De aardigste mensen van de wereld

Ik vind het heel leuk om in Jordanië te wonen, want hier wonen de aardigste mensen van de hele wereld. Iedere dag kom ik weer nieuwe mensen tegen die heel lief zijn. Naast ons huis is een winkelcentrum en bij de deur zit een mevrouw met een blauw pak aan. Die moet ervoor zorgen dat er alleen goede mensen naar binnen gaan. Deze mevrouw kent mij wel en gaat altijd lachen als ik binnenkom. Als ik met mama ben, vraagt ze waar papa is en andersom. Ik hoeft nooit door dat ijzeren poortje heen dat steeds piept, want ze kent mij en weet dat ik niet gevaarlijk ben.

Pas ging ik met papa en mama boodschappen doen in een ander winkelcentrum. We stonden in een lift die er heel lang over doet voordat hij boven is. In de lift stonden ook een andere papa en mama met vier kinderen. Het waren allemaal jongens en achter hun oor zat een apparaatje. Dat was omdat ze niet goed konden horen. Alleen de papa en mama hadden het niet. De jongens wilden mij allemaal een hand geven. En ze wilden ook mijn haar voelen. Ik denk dat het was omdat er gel in zat. Dat doet mama 's morgens altijd in mijn haar om stekels te maken. Toen we bovenaan kwamen zwaaiden de vier broertjes naar mij en ze lachten heel vriendelijk. Daarna gingen we eten. Een tijdje later stond ineens een van de broertjes bij onze tafel en gaf mij een ballon. Het was zo'n ballon die vanzelf omhoog gaat. Ik was er heel blij mee. Er stond 'happy birthday' op. Misschien had die jongen hem wel voor zijn verjaardag gekregen... maar hij gaf hem toch aan mij. Dat vond ik echt heel lief van hem. De ballon hangt nu in mijn slaapkamer aan het dak.

Gisteren ging ik met papa en mama een dagje weg. Het was best een eind rijden, maar ik had heel veel speelgoed meegenomen. Onderweg stond er ineens een politie-agent op de weg met een stopbord. Papa stopte en deed het raam open. De politie-agent zag er best aardig uit. 'Do you speak English?' zei hij tegen papa. Papa zei ja. Toen zei de agent: 'Do you speak Arabic?' En toen zei papa nee. De politie-agent knikte vriendelijk en zei 'Goodbye'. Kijk, daar word ik nou blij van! Niet van die boze bromberen, maar gewoon een vriendelijke agent die je gelijk weer laat doorrijden. Ik snap alleen niet waarom papa zei dat hij geen Arabisch spreekt.

Daarna reden we naar een kasteel. Het lag op een hoge berg. Omdat er deze week een zandstorm was geweest, kon je het niet zo goed zien. Onderaan de berg gingen we eerst koffie drinken. De mevrouw in het restaurant was heel aardig. Ze vroeg hoe ik heette en wat ik wilde drinken. En toen kwam ze een bord brengen met appels en ander fruit. En ze zei erbij dat het helemaal gratis was! Papa moest daarna wel een driedubbele prijs voor de koffie betalen, maar toch was het heel leuk dat ik zomaar gratis een appel van haar kreeg.

Later die dag hebben we het kasteel bezocht. Het heet het Ajloun Kasteel. Er waren veel trappen en ik moest hard klimmen. Daar werd ik soms een beetje moe van en dan ging papa of mama mij dragen. Ik heb al veel kastelen gezien in mijn leven, maar Ajloun Kasteel is misschien wel het mooiste. Later ging papa ergens broodjes en patatjes kopen en toen gingen we picknicken in een bos. We zaten onder de bomen langs een zandweg. Soms reed er een vrachtauto voorbij en de chauffeurs zwaaiden altijd even naar ons. Het was leuk om een dagje weg te zijn. Er zijn zoveel mooie dingen te zien hier in Jordanië. En er wonen zo veel aardige mensen. Ik hoop dat we hier nog heel lang blijven wonen.

Wednesday, September 9, 2015

Zeven uur is gewoon te vroeg

Zo een, maar dan eentje die niet blaft.
Ik heb een tijdje geen blog geschreven. Dat was omdat ik het te druk had. Papa zat in Genève voor zaken en dus voelde ik me als enige man in huis extra verantwoordelijk. Ik heb ervoor gezorgd dat het met mama goed ging. Ik heb goed mijn best gedaan. Al mijn eten opeten, niet zeuren voor het naar bed gaan en lief zijn op school, dat soort dingen zeg maar.

Toen papa weer thuiskwam, had hij een St. Bernard hond meegenomen. Zo een die in Zwitserland wordt gebruikt om mensen in nood te helpen. Hij blaft niet, maar verder is hij echt. Als ik niet kan slapen, mag deze hond bij mij in bed. Hij heeft heel lieve ogen en voelt lekker zacht.

Nu papa terug is, kan ik weer mezelf zijn. De laatste tijd vind ik dat 7 uur veel te vroeg is om naar bed te gaan. Het is voor mijn ontwikkeling beter als papa of mama nog een tijdje doorgaat met voorlezen. Pas heb ik een paar nieuwe boeken gekregen. Het ene gaat over een aap die zijn moeder kwijt is. Het tweede boek gaat over een giraf die eigenlijk niet kan dansen. Alle andere dieren lachen hem uit. En dan ontdekt hij ineens dat hij toch wel kan dansen. Deze boeken zijn heel leerzaam en daarom wil ik ze graag nog eens lezen. Maar dan moet ik ineens toch naar bed. Veel te vroeg voor mijn leeftijd.

Ik protesteer regelmatig tegen dit strenge regime. Maar helaas wordt de stem van kinderen nauwelijks gehoord. Papa en mama doen wat ze zelf willen. Als ik in bed lig, gebruik ik het eerste half uur om duidelijk te maken dat dit niet eerlijk is. Ik roep dan steeds: 'slapen klaar'. Dat betekent dat ik helemaal niet wil slapen. Soms komt papa of mama even kijken, maar helaas mag ik dan niet uit bed. Integendeel, ze vertellen me heel streng dat ik moet gaan slapen. Soms gooi ik uit pure frustratie mijn speen een eind weg. Maar dat lost ook niets op.

Al met al is het geen makkelijk bestaan. Niemand begrijpt waarom zeven uur gewoon te vroeg is voor mij. Gelukkig is er dan de hond uit Zwitserland. Tegen hem kan ik alles vertellen. En al praat hij niet terug, toch begrijpt hij me. Ook mijn aap blijft altijd geduldig luisteren. Meestal val ik na een half uur toch in slaap. De volgende morgen ben het dan meestal weer vergeten en begin ik opgewekt aan een nieuwe dag.

Wednesday, August 19, 2015

Je moet het niet dwingen

Het gaat goed met mijn leven hier in Jordanië. De mensen zijn heel aardig voor mij en ik kan al heel goed met de lego spelen. En op school gaat het ook prima. Maar met dat ik dacht dat het hier best goed gaat, kwam mama met een nieuw idee. En daar werd ik niet zo blij van.

Mama wilde mij gaan leren om op het potje te plassen. Samen met papa had ze zo'n zachtblauw potje gekocht. Er zat een deksel op en een sticker waarop stond dat hij in Turkije gemaakt was. Nu heb ik op zich niets tegen Turkije, maar wel tegen hun potjes. De kanten waren heel scherp. Steeds als ik er op ging zitten, deed het pijn aan mijn benen. Dan sprong ik er snel weer af.

Daarna hebben papa en mama een ander potje gekocht. Deze was niet recht en de randen waren niet scherp. Gelukkig zat dit potje wel lekkerder. Maar ik vind het toch vrij zinloos. Jarenlang gebruik ik een luier en dat gaat prima. En ineens moet dat dan veranderen. Ik moest wel tien keer per dag op het potje gaan zitten. En dan dachten papa en mama dat ik op commando zou gaan plassen. Ik zou wel gek zijn.

Het voordeel was dat ze wel altijd leuke verhalen gingen voorlezen als ik op het potje zat. Een was van Bobbi die ook op het potje ging. Die gehoorzaamde zijn papa en mama natuurlijk wel en plaste altijd keurig in het potje. Maar ik ben geen beer en ik heet ook geen Bobbi. Als het verhaal uit was, sprong ik gewoon weer op.

Mama heeft mij ook onderbroeken gegeven. Als ik die aan had, kreeg ik geen luier om. Het waren mooie onderbroeken, met gele en blauwe strepen. Maar als je dan plast, komt je hele broek eronder te zitten. Ik snap echt niet waarom ik niet gewoon een luier aan mocht. Zo duur zijn ze toch ook weer niet?

Omdat ik geen luier om had, heb ik een paar keer mijn broek volgeplast. En soms kwam het ook op de vloer. Dat is natuurlijk wel vervelend. Toen ik pas weer een keer moest, ben ik in het keukenkastje gekropen. Ik vroeg aan papa om het deurtje dicht te doen en toen heb ik daar even op m'n gemak alles laten gaan. Heerlijk was dat.

Vandaag heb ik toch weer een luier gekregen van mama. En ik ben niet meer op het potje gegaan. Ze zei tegen papa dat ze voorlopig even stopt met proberen. 'Want je moet het niet dwingen', zei ze erbij. En daar ben ik het helemaal mee eens.

Friday, August 14, 2015

Kleuren in de kerk

Vandaag is het vrijdag. Ik ga niet naar school en papa en mama gaan ook niet naar het werk. Want op vrijdag zijn we vrij. De winkels blijven dicht. En in onze straat rijden er maar weinig auto's. Er is veel minder lawaai. Vrijdag is eigenlijk net als zondag.  Op vrijdag is alles een beetje anders dan andere dagen. Eerst willen papa en mama uitslapen. Dat wil ik eigenlijk niet, dus ik zeur net zo lang tot ik mag gaan spelen. En daarna gaan we eten. Niet in de keuken zoals op andere dagen, maar in de kamer of op het balkon. Het eten is op vrijdag ook een beetje lekkerder. En na het eten gaan we naar de kerk.

De kerk is een mooi gebouw met een kruis erop. Er zijn in de stad ook andere gebouwen die op een kerk lijken, maar die hebben een grote luidspreker in de toren. Dat zijn geen echte kerken eigenlijk. Buiten is het meestal heel warm, maar in de kerk is het een beetje koud. Als we binnenkomen zijn de mensen al aan het zingen. Soms zingen ze in het Arabisch en soms in het Engels, net als op school. Maar hier hebben de juffen geen doek om hun hoofd.

Ik weet nooit zo goed wanneer de kerk begint, want er blijven steeds nieuwe mensen binnenkomen. Ze zien er heel verschillend uit. Sommigen hebben een bruin gezicht en anderen zijn wit. Er zijn mensen bij met heel veel kleuren in hun kleren. Die komen uit Afrika. Anderen hebben een spijkerbroek met sportschoenen. Die komen uit Amerika. Andere mensen hebben een mooie gestreken blouse en een vouwbroek. Die komen uit Azië. Er is ook een meneer uit Mexico. Hij kan heel goed gitaar spelen en hij lacht bijna altijd. Zijn muziek klinkt anders dan als mama gitaar speelt. Hij speelt heel vlug en de tonen gaan heel snel op en neer. Dat is de Mexicaanse stijl. 

De dominee komt uit Sudan. Dat is een land hier heel ver vandaan. Papa en mama zijn er weleens geweest, maar ik nog niet. De dominee heeft een gouden bril en hij  is heel aardig. Als hij zingt doet hij altijd zijn handen in de lucht. 

Als we heel lang gezongen hebben, gaat er iemand een verhaal vertellen. En iemand anders vertaalt het dan naar het Engels. In de kerk heet zo'n verhaal een preek en het is meestal niet zo mooi als in mijn kinderbijbel, dus ik luister niet zo goed. Meestal ga ik spelen met een boek of mijn aap. En ik ga ook vaak even kijken of er nog andere kinderen in de kerk zijn. Eigenlijk mag ik niet zoveel lopen door de kerk, maar soms doe ik het wel. Want de preek duurt meestal heel lang. Als ik het echt te lang vind duren ga ik met papa of mama naar buiten. Daar is een groot plein waar je kunt spelen. Er zijn ook andere kinderen. Mijn vriend is Micah, die is net zo oud als ik en ik zie hem elke week. 

Als de kerk is afgelopen, zijn er koekjes. Het zijn hele lange koekjes en er staat altijd een grote schaal. Meestal neem ik er wel drie of zo want ze zijn best lekker. En soms geven andere mensen me er ook nog een. Of een stukje cake. Daarna gaan we naar huis. Dan is het eigenlijk tijd om te gaan eten, maar ik heb dan zoveel koekjes op dat er geen plaats meer is in mijn buik.

Na het eten ga ik even slapen. En als ik wakker word, is er nog heel veel tijd om te spelen. Op vrijdag doen we altijd veel leuke dingen. Soms gaan we weg met de auto. Of we gaan in de tuin spelen. Dat vind ik eigenlijk het allerleukst. Want daar staat mijn zandbak. En van het deksel kun je een zwembad maken.Het is jammer dat er in de kerk geen zandbakis, anders zou het nog leuker zijn om er naartoe te gaan. Maar zonder zandbak is het ook wel goed. Want de muziek is mooi, de mensen zijn lief en de koekjes zijn lekker.

Tuesday, August 11, 2015

Het leven van een kunstenaar

Dit was mijn kunstwerk. Maar er is
bijna niets van over
Ik ben bijna twee jaar en ik heb al heel veel geleerd. Sommige dingen kun je leren, maar andere dingen horen gewoon bij je. Dat heet talent.

Ik heb een boekje over Nijntje in het museum. Nijntje bekijkt daar schilderijen en ze gaat ook zelf een beetje verven. Ik vind het een mooi boek en bijna elke dag vraag ik of papa of mama het wil voorlezen.

Op school verf ik zelf ook heel vaak. Juf Lima maakt dan mijn hele hand blauw en dan moet ik die op een papier drukken. En ineens staat er dan een hand op het papier. Daarna ga ik er met een kwast nog iets moois van maken. Ik heb al een keer een kip geschilderd. En ook een koe. Die had allemaal zwarte stippen gekregen van mij. Thuis noem ik het een koe, maar op school zeg ik gewoon 'cow' want dat doet juf Lima ook.

Nijntje vond het schilderen heel leuk en ik ook. Thuis heb ik geen verf, maar wel krijtjes. En een kleurboek van Mickey Mouse. De krijtjes zitten in een doosje waar eerst boter in zat. Dat is allemaal op mijn boterhammen gegaan en nu is er plaats voor mijn krijtjes. Het doosje staat altijd op mijn tafel, samen met het kleurboek. Elk dag maak ik wel een tekening van krijtjes. Pas heb ik er een opgestuurd naar opa omdat hij jarig was. Een postbode heeft de tekening meegenomen in het vliegtuig en naar opa gebracht. En oma appte een foto van opa en de tekening, dus hij is echt aangekomen!

Verven en krijten is heel leuk. Nijntje wil later een echte kunstenaar worden. Ik wil dat ook graag, want ik vind dat ik best goed kan tekenen. Soms zet ik eerst een grote streep op het papier en dat is dan papa. En nog een streep voor mama. En met een andere kleur teken ik opa en oma en Matthanja. De strepen lijken misschien niet echt op mensen, maar ze zijn het toch. Ik vertel ook altijd aan mama wat de strepen betekenen, want anders begrijpt ze het niet.

Een kunstenaar moet zijn werk goed kunnen doen. Pas bedacht ik dat het een goed idee zou zijn om eens niet het kleurboek te gebruiken. Ik heb lang nagedacht over waar ik nog meer de krijtjes op kon gebruiken. Mama was in de andere kamer, dus haar kon ik het niet vragen. Toen heb ik een tekening gemaakt op de muur van de woonkamer. Het is een witte muur en ik heb er met zwarte en rode krijtjes iets heel moois van gemaakt. Daarna heb ik ook de verwarming, de vloer en het raam heel mooi gemaakt met allerlei kleuren. Na een tijdje kwam mama de kamer in en die reageerde een beetje apart. Haar mond stond heel streng en ze zei dat het niet mocht, maar haar ogen stonden niet boos. Het leek net of ze moest lachen. Ik vond het jammer dat ze niets  zei over hoe mooi mijn tekening was.

Later kwam papa thuis en die zei dat ik nooit meer op de muur mag tekenen. En ook niet op de verwarming en het raam. Echt heel jammer is dat. En nog erger: de volgende morgen waren mijn tekeningen verdwenen. Papa en mama hadden met water en een borstel alles weggepoetst. Op de muur en de verwarming kun je nog net heel vaag mijn kunstwerk zien. Ik kijk er graag naar, want het is het overblijfsel van een onbegrepen kunstenaarsbestaan.  We zullen het nooit zeker weten, maar misschen hebben papa en mama met hun poetsbeurt wel een groots meesterwerk vernietigd.

Monday, August 3, 2015

Een woestijn in de stad

Nou. vandaag was het echt super warm zeg. Het begon vanmorgen al. Ik had eerst even uitgeslapen omdat ik nog in weekendstemming was. Maar toen moest ik toch echt eruit omdat ik op tijd op school moest zijn. Vanaf het moment dat ik uit bed kwam, was het gelijk heel warm. Ik zag op papa's gezicht allemaal druppels water staan.

Eigenlijk zou je op zo'n dag als vandaag het liefst heel de dag in het zwembad in de tuin zitten. Als je in het water bent, heb je ook druppels op je gezicht, maar dan is het toch niet warm. Gisteren heb ik nog in het zwembad gespeeld, maar vandaag had ik daar echt geen tijd voor want ik moest al vroeg naar school.

Toen ik aankwam op school stond er een andere juffrouw te wachten. Eigenlijk moest miss Lima er staan, maar die zag ik even niet . De andere juffrouw droeg een lang zwart laken en zo'n doek over haar hoofd. Ze lachte wel naar me, maar toch zag er er een beetje eng uit. Van schrik moest ik even huilen. En ik was ook wel een beetje verdrietig voor deze mevrouw, want zij moet het wel driedubbel warm gehad hebben met al die zwarte kleren om haar heen. Ik liep in een korte broek en een blouse met korte mouwen en ik had het al warm, maar bij deze mevrouw zag je alleen haar ogen, haar neus, haar mond en haar wangen. De rest was allemaal ingepakt.

Gelukkig zag ik mijn eigen juf al snel en toen ging ik spelen. Aan de binnenkant van de school is het niet zo warm. Aan het dak hangt een witte bak en daar komt koude lucht uit. Als je er voor gaat staan, voel je die lucht langs je oren waaien en gaan je haren door elkaar. Na een tijdje gingen we ook buiten spelen. Dat doen we altijd op school, maar vandaag duurde het een beetje korter. Dat was omdat het heel warm was. Miss Lima zei al snel dat we weer naar binnen gingen. Ik was net in de zandbak aan het spelen, dus het was wel een beetje jammer. Maar het was ook fijn om weer naar de koude lucht te gaan.

Aan het einde van de dag gingen we nog naar het gymlokaal. Dat is altijd het leukste van de dag. Niet alleen omdat je daar kunt spelen, maar ook omdat ik weet dat mama mij dan bijna weer komt ophalen. Maar vandaag was er een grote verrassing... terwijl ik aan het spelen was, ging de deur open en toen stond papa daar ineens. Hij had me nog nooit eerder opgehaald, omdat hij moet werken. Maar vandaag kwam hij toch. Dat was omdat mama vanaf deze week ook aan het werk was. Ik was heel blij dat ik papa zag. Zo blij zelfs, dat ik er gewoon even van moest huilen. Ik riep gelijk heel hard bye bye tegen iedereen, want ik wilde snel met papa en de auto naar huis.

Papa praatte nog even met de juffrouw. Zij gaf me ook de vogel die ik vandaag had geknipt en gekleurd. Die mocht ik mee naar huis nemen. Het was best een mooie vogel, maar niet zo mooi als de vogels in opa Henk z'n schuur. Daar ben ik nu al heel lang niet geweest. De vogels daar hebben heel veel kleuren en maken mooie geluiden.

Samen met papa ben ik naar huis gereden. Het was heel warm, maar er was geen zon. Het was zelfs een beetje donker. Dat kwam omdat er een zandstorm aankwam. De hele lucht was vol met zandkorrels. En die kwamen allemaal langzaamaan neer op de huizen en de auto's. Eigenlijk werd de stad steeds meer een beetje een woestijn vol met zand.

Zo meteen ga ik naar bed. Het is nog steeds warm. Als ik ga slapen, doe ik maar geen pyama aan. En bij mijn bed staat een wit ding dat ronddraait als ik slaap. Ik noem het altijd een vliegtuig, maar mama zegt dat het niet klopt. Zij noemt het een ventilator. Maar dat is best een moeilijk woord. Ik noem het gewoon een vliegtuig. Het draait heel hard rond en er komt ook iets van koude lucht uit. Dan is het gelukkig toch niet zo warm als ik in bed lig. En zo kan ik lekker gaan slapen. En dromen over papieren vogels en de echte van opa. En over die mevrouw met dat zwarte laken. En over de woestijn in de stad. En over papa die mij kwam ophalen. Want dat was toch wel het allerleukste van vandaag.